dinsdag 12 juni 2018

DE UITVERKORENE

Deze morgen, toen de helft van het westelijk halfrond nog in comateuse toestand lag, liep ik van Narbonne-plage naar Saint-Pierre-la-Mer en terug. Op de kop af acht kilometer. Niet slecht voor iemand die vijftig jaar gerookt heeft.
Akkoord. Ik ben er nog geen vijftig. Laat staan negenenveertig. Maar ik rook al van in het zaad. Ik stam nog uit de tijd dat roken klasse was en dat de dokter in de verloskamer bij wijze van spreken alleen een assistente nodig had om even zijn sigaret vast te houden.
Elke dag rookten mijn ouders samen vijf pakjes peuken. Maar vergis je niet. Het was verre van ongezond. Want ze rookten menthol-sigaretten. Jaja. Het universum is altijd heel gul geweest bij ons thuis als het op verslavingen aankwam.
Ooit vertelde een medium me dat ik de uitverkorene was om die vicieuze cirkel van verslavingen waar de ganse familie mee kampte te doorbreken. Lang heb ik dat niet willen geloven. Ik heb echt alles geprobeerd waar je ook maar verslaafd kon aan raken en ik vond het allemaal even leuk.
 Maar nu zo goed als iedereen veel te vroeg onder de zoden ligt zou ze natuurlijk wel eens gelijk kunnen hebben. En ik ben ook goed bezig.
Maar het gevoel die ik deze morgen had na mijn looptocht. Nou. Daar zou ik makkelijk aan verslaafd kunnen raken. Je merkt het. Verslavingen zitten in mijn DNA.
Van uw correspondent ter plaatse.
A+

maandag 11 juni 2018

DAL CENTRO DELLA MIA VITA VENNE UNA GRANDE FONTANA

Gisteren sneed ik dwars door de Pyreneeën naar Spanje. Ik ben gek op die taal en op dat je m'en foutisme, eigen aan het zuiden.
Ik raakte er magischerwijze aan de praat met een vrouw. Het leek wel op een Spielberg-scenario.
Zit ik er aan het strand mijn boek te lezen (ETEN, BIDDEN, BEMINNEN van Elisabeth Gilbert-een echte aanrader ) en komt die vrouw op drie meter van mij zitten. Een zo goed als leeg strand. Als man komen de wildste fantasieën meteen naar boven. Een vrouw die in dezelfde situatie zou verzeilen zou haar boeltje pakken, met haar handtas op je hoofd slaan en vertrekken.
Ik probeer niet teveel te kijken. Ik heb altijd geleerd dat dat onbeleefd is. Vanuit mijn ooghoeken zie ik echter dat ze me aanstaart alsof er net een driekoppig buitenaards wezen uit mijn borst is gekropen.  In eerste instantie weiger ik terug te kijken, een beetje hard-to-get spelen kan geen kwaad. Maar ik ben en blijf natuurlijk een man, vrijgezel bovendien en al te lang verstoken van vleselijk contact. Dus na wat lijkt op tien minuten maar in werkelijkheid waarschijnlijk maar zevenenveertig seconden is kijk ik haar onbevreesd aan. Zo hard-to-get ben ik nu ook weer niet.
En wat zie ik tot mijn groot ongeloof ? In haar hand heeft ze net hetzelfde boek vast, alleen in één of andere hottemetottentaal.
Nou vraag ik jou. Hoeveel kans heb je dat dat ooit gebeurd ? Op een Spaans strand.  Je hebt meer kans dat er een UFO op het dak van je auto landt en de bestuurder je de weg vraagt in het West-Vlaams.
We raken aan de praat. Nou ja. Aan de praat is veel gezegd. Eléna, want zo heet de schoonheid met ogen als steenkool, blijkt van Griekse afkomst. Met een Italiaanse moeder. Woonachtig in Spanje. Pratende met een Belg. Die in Frankrijk woont. Het had me helemaal niet verbaasd als ze me ook nog had gezegd dat ze een Duitse herdershond had.
Zij leerde me wat Italiaans en Grieks. Ik haar wat West-Vlaams en Frans. Toen mijn uitspraak na lang proberen niet zo goed lukte maakte ik me wat kwaad op mezelf.
En nu komt de clou van het verhaal. "Koen" zei ze, met een wonderlijk accent, "als je iets nieuws leert is er maar één ding echt belangrijk. En dat is dat je superlief bent voor jezelf."
Mijn gemoed schoot zowaar vol na deze wijze les. En dat doet het een dag na dato nog steeds.
De mooiste zin die ze me leerde wil ik u ook niet onthouden. Het is Italiaans en het is de titel van deze blog.
Van uw correspondent ter plaatse.
A+

zondag 10 juni 2018

MÉDITERRANÉE OLÉ OLÉ

Gezien het weer van de afgelopen negen maanden had ik al lang zin om om weg te rennen tot ik in Groenland was. Maar omdat je daar ook geen zekerheid hebt qua meteo sprong ik deze morgen in mijn bus en die bracht me na drie uur karren tot in Narbonne-Plage. Op de landkaart van Frankrijk echt het enige plekje waar voor de komende vier dagen zon werd voorspeld. 
En terwijl u dit leest zit ik op een terras een koffietje te drinken. Met zicht op de Méditerranée. 
De lucht is hemelsblauw. De wind is warm. De geur van zonnecrème. De vrouwen kortgerokt. Krijsende meeuwen. Het zachtjes breken van de golven. Beter kan het niet meer worden.
Mijn behoefte aan zon is wellicht nog nooit zo groot geweest, al maanden flirt ik met een driedubbele depressie. Door de omstandigheden waarin mijn leven verzeild is geraakt. Maar ook en vooral door de grijze lucht en de overdosis hemelwater. Ik was zo wanhopig dat ik op een bepaald moment begon te bidden. Je weet wel. Tot God.
We houden het deze week sober. Geen alcohol. Geen koffie. Veel groenten. Geen sigaretten. Veel water. Geen suiker. Veel beweging. Geen geestverruimende producten. 
En als ik zeg "we", dan bedoel ik dat ook letterlijk. We zijn hier met z'n drietjes. Me. Myself. And I. We hopen elkaar op regelmatige basis tegen te komen. Kwestie van wat dingen uit te klaren. En de batterijen op te laden voor een razend-druk seizoen die alweer voor de deur staat.
Van uw correspondent ter plaatse.
A+

donderdag 24 mei 2018

KIPPEVEL-MOMENTJE

Rond halftien 's avonds hier door de bossen rijden, het is magisch. Zelfs na zeven jaar. Het is tussen licht en donker. Een overdosis aan groen. Bomen bomen bomen... Metreshoge varens aan beide kanten. Drie hertjes aan de kant van de weg. Even verwonderd naar mij kijkend als ik naar hen. Nog een late roofvogel. 
En uit de boxen loeihard 'Still loving you". Het oor wil tenslotte ook wat.
Als je zo, na een dag werken, naar huis kan rijden...dan is je leven op dat moment perfect.
Je zet je motor af en je valt in een oorverdovende stilte. 
Na een minuutje begint een krekel te tsjirpen. Na drie minuten zijn ze met honderden. 
Nou. Dat was mijn kippevel-momentje van de dag.  Wat was het uwe?
Van uw correspondent ter plaatse.
 A+

PROZAC-PLUS

Gisteren kopte het Bulgaarse dagblad cherno more, waar ik al sinds jaar en dag ben op geabonneerd "vrtlarstvo je najbolji antidepresivi". Ik viel bijna steil achterover. Vooral omdat ik geen jota begrijp van deze hottemetotten-taal.
Waarom ik er dan in godsnaam een abonnement op heb?
Dat is eigenlijk heel toevallig gekomen.
In 1989 meerden we met de Godetia, een Belgisch marineschip, aan in Boergas, aan de Bulgaarse Zwarte Zee.
Op een zwoele zomeravond zaten we in ons marine-pakje een terrasje mee te pikken en te genieten van een plaatselijk biertje. Als u  mijn vorige blog hebt gelezen weet u intussen dat ik daar mijn hand niet voor omdraai.
Op een bepaald ogenblik komt een schaars geklede jongedame op ons af en vraagt of ze even bij ons mag komen zitten. Na een urenlange discussie en een geheime stemming beslisten we dat het mocht. De dame in kwestie bleek journaliste te zijn en al leek ze het IQ van een bloempot te hebben, ze was verdomd goed voorzien van poten en oren.
Na veel vijven en zessen slaagde ze er in om onze adresgegevens te ontfutselen, ons IQ zat tegen die tijd wellicht ook al onder onze broeksriem.
Toen we een drietal weken later terug aanmeerden in Zeebrugge trokken we allen huiswaarts. En surprise surprise, daar lag een stapeltje cherno more-kranten op mij te wachten. Bleken we een levenslang abonnement op deze hippe krant te hebben gewonnen.
De voorbije negenentwintig jaar wisselde ik pakweg zestien keer van adres maar trouw als een labrador valt nog steeds elke morgen die krant in mijn bus.
Hoe kan het ook anders, in die tijd heb ik best wel een aardig woordje Bulgaars geleerd. Maar toch moest ik voor het artikel van gisteren even google-translate raadplegen.
Bleek het bewuste artikel te gaan over het feit dat het nu wetenschappelijk bewezen is dat tuinieren het beste anti-depressivum is.
Nu wilt het toeval dat ik de voorbije drie dagen niks anders heb gedaan dan tuinieren. Met mijn handen in de aarde wroeten, zaaien, planten, wieden. Op blote voeten. En je kan veel zeggen over de Bulgaren, maar ik moet ze het nageven, niks zo helend voor lichaam en geest als tuinieren.
Intussen is de zon al een week volop aan het schijnen. En dat is fijn. Het universum was me wel een mazzeltje verschuldigd.
Van uw correspondent ter plaatse.
A+